Lensluxatie 
Door het kapot gaan van de ophangbandjes van de ooglens kan de lens los raken. De ophangbandjes kunnen afwijkend zijn aangelegd, degenereren of bij uitzondering direct breken. Bij een aantal kleine terriërrassen komt lensluxatie erfelijk (recessief) voor. Naast de Jack Russell zijn deze rassen: Duitse jachtterriër, Tibetaanse terriër, Welsh , Fox en Dandie Dinmont terriër. Als er een behoorlijk aantal ophangbandjes (over een groter gebied) is gebroken zal de lens gedeeltelijk loslaten (subluxatie). 
Afbeelding 2 en 3:
oog3
Afbeelding 2: Lensluxatie naar voren. De geheel losliggende lens ligt v66r de pupil in de voorste oogkamer. De lens is zichtbaar als een ronde structuur.
Afbeelding 3: Lensluxatie naar achteren. De lens ligt "achterover" gekanteld. Hierbij is de bovenrand van de lens in (achter) de pupilopening zichtbaar.

Laat de lens geheel los dan kan deze ófwel min of meer op zijn plaats blijven of zich in de oogbol naar vóór of naar achteren verplaatsen (afbeeldingen 2 en 3). De lens en/ of het glasvocht kunnen hierbij de passage of de afvoer van het kamerwater blokkeren, met (secundair) glaucoom tot gevolg. Indien niet optimaal behandeld leidt een secundair glaucoom in het algemeen snel tot een "verloren" oog. Een lensluxatie dient daarom als een spoedgeval te worden beschouwd.

Erfelijkheid
Lensluxatie wordt bij de Jack Russell terriër beschouwd als een enkelvoudig recessief verervende ziekte. Honden met een lensluxatie dienen te worden uitgesloten van de fokkerij. Ook de ouderdieren en eventuele directe nakomelingen kunnen hiervoor beter niet meer worden gebruikt. Indien het aantal voor de fokkerij beschikbare dieren dit toelaat kunnen nakomelingen uit dezelfde combinatie ook beter niet voor de fok worden ingezet. Dit, daar er een sterk verhoogde kans is dat ook zij drager van de afwijking zullen zijn.